We gaan “Cradle to Cradle”, maar hoe?

Velen zullen al weten wat het concept inhoudt, maar voor de duidelijkheid zal ik het nog even kort toelichten. Het Cradle to Cradle concept, of kortweg C2C, berust op de benadering dat we niet de negatieve gevolgen van onze ontwerpen moeten beperken, maar dat we de ontwerpen moeten maken met de juiste dingen – systemen, materialen en componenten – zodat er geen negatieve gevolgen meer zijn.

Braungart en McDonough bepleiten het sluiten van de materiaalkringlopen, waardoor materialen die niet opgenomen kunnen worden in de natuur, onbeperkt hergebruikt kunnen worden. Om dit te kunnen bereiken, maken zij onderscheid tussen biologische en technologische cycli. Alle componenten en materialen waaruit een product is opgebouwd moeten in één van de cycli terug gebracht kunnen worden, zodat ze voedsel zijn voor biologische of industriële processen. Het concept van afval zal ophouden te bestaan, afval wordt voedsel.

Ook onderwerpen als energie en rechtvaardigheid spelen een rol. Het concept geeft aan dat er voldoende energie op onze planeet is door de zon. Deze moeten we alleen nog goed zien te benutten. Rechtvaardigheid gaat over onderwerpen als arbeidsomstandigheden, gezondheidsaspecten en betrokkenheid van de bevolking.

C2C symposium TU/e - Foto: Bart van OverbeekeNu we weten wat het inhoudt is de vraag, hoe we dit gaan bereiken, een goede. Om een antwoord te zoeken op deze vraag werd er op 22 april een symposium gehouden onder leiding van prof. ir. J. Post, die zelf ook een presentatie gaf over de materialisatie van het XX-kantoor. De kennis van de TU/e en de kunde van het bedrijfsleven betreffende de implementatie van het Cradle to Cradle concept werden bij elkaar gebracht om zo op ideeën te komen en problemen aan te duiden.

De sprekers gaven inzicht in de wijze waarop zij het Cradle to Cradle concept op hebben gepakt. Marco Vermeulen, medeoprichter en -directeur van Urban Affairs, liet het ontwerp voor de Greenport Venlo zien. Een stedenbouwkundig plan waar de Cradle to Cradle principes een grote rol in hebben gespeeld. Dit heeft geleid tot een autarkische cluster structuur waarbinnen energie en materiaalstromen op gebiedsniveau worden gesloten.

Ook Dick Thesingh van de Kamer van Koophandel Limburg gaf zijn visie over de vervolgstappen. Als één van de grootste initiators achter de populariteit van het concept, heeft de heer Thesingh grootse plannen voor de Floriade van 2012 in Venlo. Deze zal in zijn geheel Cradle to Cradle worden uitgevoerd. Daarnaast moet Venlo een grensoverschrijdend C2C centrum worden, onder andere door de oprichting van een C2C masteropleiding voor ongeveer 2500 studenten in 2012.

De stelling van Braungart en McDonough dat de zon genoeg energie levert werd bevestigd door Prof. dr. ir. René Janssen. Zo legde hij uit dat de zon een factor 1000 keer zoveel energie op de aarde brengt in vergelijking met andere duurzame energiebronnen waarna hij zijn onderzoek naar organische, uit polymeren bestaande, zonnecellen toelichtte, die weleens de toekomst zouden kunnen zijn doordat de productiekosten aanzienlijk lager liggen.

Nog meer innovatieve technieken werden door Prof. dr. ir. Jaap Schouten uit de doeken gedaan. Zijn onderzoek naar kleinschalige chemische reactoren biedt wellicht een alternatieve energievorm voor bijvoorbeeld voertuigen of autarkische gebouwen.

In de uitverkochte zaal zaten mensen uit het bedrijfsleven en onderwijs- en kenniscentra. Men stond niet verlegen om vragen of opmerkingen, wat een goede sfeer met zich meebracht. De discussies en opmerkingen hebben het symposium, dat goed georganiseerd was en vlekkeloos verliep, tot een hoger niveau gebracht.

Zo zorgde de oplossing van Ro Koster en Ad Kil van RO&AD architecten, voor het zichtbaar maken en behoud van het archeologische erfgoed in het Limes project, voor veel opschudding. Door alle regelgeving overboord te gooien en een paar simpele spelregels op te stellen, slagen ze er in om de economie als motor voor de bescherming van ecologie en archeologie te mobiliseren. Dit is eigenlijk precies wat het Cradle to Cradle concept probeert. Doordat er niet hoeft te worden beperkt, maar gewoon door kan worden geconsumeerd, wordt het voor economische actoren interessanter om mee te doen, wat de populariteit van het concept zou kunnen verklaren.

Ook binnen de TU/e komt steeds meer aandacht voor het concept. Zo is er op het moment een master multi-project gaande en zijn er een aantal master studenten, waaronder ikzelf, bezig met Cradle to Cradle als hun afstudeeronderwerp. Er is nog geen definitief antwoord op de vraag hoe we het moeten gaan doen, maar alle ontwikkelingen en aandacht bieden hoop voor een C2C toekomst. Laten we hopen dat marketingmachines het onderwerp niet als hype zo bewerken dat de echte toepassing van de principes gevaar loopt.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *